|
Weetjes uit de natuur
De Grote FieClopedie
Alles over de wespspin
winter 2007-2008
Wesp of tijger?
Met zijn gele, witte en zwarte strepen valt de wespspin veel meer op dan andere spinnen. Het is zeker ook de grootste spin van ons land, al hebben sommige kleinere soorten nét zulke lange poten. Het is dan ook niet zo gek dat mensen deze spin vergelijken met andere gevaarlijke beesten die gele en zwarte strepen hebben.
Wespen zijn geen lievertjes, dat weet elk dier. Echte wespen doen ook geen moeite om zich te verstoppen. Met hun stepen laten ze zien dat ze gevaarlijk zijn. Dat is misschien ook wel waarom de wespspin zulke gele strepen heeft: elk dier dat spinnen eet schrikt eventjes bij het zien van die strepen: oei, een wesp, dan maar liever even doorzoeken.

Een andere naam voor de wespspin is de tijgerspin. Tijgers hebben tussen hun gele en zwarte strepen ook vaak wat wit. Dat klopt dus veel beter, maar tijgers hebben hun strepen niet om andere dieren bang te maken. Er is geen enkel dier dat op tijgers jaagt. Nee, tijgers hebben hun strepen ergens anders voor: ze vallen dan minder op tussen planten en struiken. Ze sluipen tussen het struikgewas door tot ze heel dicht bij een hertje of een zwijntje zijn. Als zo'n beestje even opkijkt staat de tijger stil en zijn strepen lijken dan op de schaduwen van stengels en bladeren.
De wespspin zit ook graag tussen hoge grassen en vangt daar vliegen, kevertjes en vooral sprinkhanen. Die insecten kunnen een dikke donkere spin al van verre zien zitten, dus mogelijk is de wespspin daarom wel zo licht gekleurd en gestreept. misschien een betere naam dus.
Let op: de zebraspin is een heel andere soort. Ook dat is een spin met streepjes, maar is veel kleiner en maakt geen web. Hij komt uit de springspinnen-familie. Springspinnen lopen over hout en stenen, vaak recht omhoog, en maken een sprongetje om hun prooi te vangen. De harlekijnspin, met haar witte schuine streepjes komt vaak bij mensen in huis. Het is een erg nuttig spinnetje dat geen kwaad doet en ons van allerlei andere beestjes in huis afhelpt.
Ogen in je rug
Natuurlijk is de wespspin geen wesp. Dat kun je aan een paar dingen zien. Ten eerste heeft ze acht poten. Insecten, en dus ook wespen, hebben er altijd zes.
Daarnaast heeft de wespspin geen vleugels. De lastige geel-en-zwartgestreepte limonadewespen hebben die altijd wél, maar pas op... er bestaan ook wespen zonder vleugels.
Een angel heeft de wespspin niet. Ze kan bijten met haar grote kaken, maar deze spin is geen spinnekop. Als je haar niet vastpakt kun je haar best over je hand laten lopen.
Wespen hebben vijf ogen: twee grote opzij en drie kleintjes boven op hun kop. Spinnen hebben er meestal acht. Twee daarvan zijn bij de wespspin een soort grote koplampen. Daar zien ze het best mee. Onder die grote arendsogen zitten aan elke kant nog twee extra oogjes. Ten slotte zitten er nog twee bovenop. Omdat de kop van een spin vast zit aan haar borststuk zou je dus kunnen zeggen dat ze ogen in hun rug heeft. Een spin kan inderdaad alle kanten uitkijken zonder zich te bewegen.
Een koukleum?
De wespspin is nog niet zo heel lang in ons land. Toen je opa een kleine jongen was leefde de tijgerspin alleen in warme landen als Frankrijk, Spanje en Italië. In 1980 werd de eerste wespspin in Zuid-limburg gezien en nu kunnen we ze in bijna heel Nederland vinden. Misschien komt dat door de minder koude winters. We weten pas of wespspinnen goed tegen de kou kunnen als we weer een strenge winter hebben gehad. Misschien zijn veel jonge wespspinnetjes dan doodgevroren en zien we ze een lange tijd niet meer, maar misschien kunnen ze inmiddels beter tegen de kou dan vroeger. Veel insectensoorten kunnen bijvoorbeeld een soort antivries in hun bloed aanmaken waardoor ze niet bevriezen. Dat zou bij een spin misschien zomaar vanzelf ook kunnen gaan gebeuren.
Touw maken met je navel
Spindraad is oersterk. Als de spin zo groot zou zijn als een mens zou hun draad niet veel dikker zijn dan een waslijntje, maar hij zou er een olifant mee kunnen ophijsen.

Het draadje wordt gemaakt met een orgaantje op de buik van de spin: de spintepel. Van dichtbij ziet dat er heel interessant uit: de draad komt uit een soort navel van vijf kleine voetjes en gaat naar buiten langs een paar piepkleine borsteltjes. Spinnen kunnen kunnen zelf kiezen of er kleefdruppeltjes op hun draden komen of niet. Spinnen lopen zelf namelijk over de draden die niet kleven.
Oude stukken web worden weer opgegeten door de spin. Ook een spin is mileubewust en doet aan recycling.
Spin als fietsenmaker
De wespspin is familie van de kruisspin. Ze horen allebei tot de familie van de wielwebspinnen. Zoals de naam al zegt maken al deze spinnen een rond web met draden die in het midden bij elkaar komen, net als de spaken van een fietswiel. Ook houden al die spinnen erg van verse sprinkhanen. Hun webben hangen vaak tussen grashalmen.
Andere spinnen maken hangmatjes, lantaarntjes, valdeurtjes of trechters van spindraad. Sommige spinnen houden zelfs een web vast tussen hun poten en gebruiken dat als vangnet. Erg veel spinnen maken helemaal geen net, zoals de wolfspinnen, springspinnen en krabspinnen. Die rennen gewoon achter hun prooi aan of besluipen ze stiekem.
Wespspinnen maken hun web het liefst tussen hoge grassen of riet. De eerste draad is een soort waslijntje waaraan de rest van het web wordt opgehangen. Meestal laat de spin die eerste draad gewoon als een vliegertje door de lucht zweven. Als de draad aan een andere grashalm blijft kleven kan de spin erover naar de andere kant lopen.
Als de buitenste draden zijn gesponnen begint de spin met de 'spaken' van haar wielweb. Ze loopt steeds van het midden naar de rand en maakt daar telkens een nieuwe draad vast. Terwijl ze langs de andere draden weer terugloopt spint ze de nieuwe draad achter zich aan.
Als er een mooie ster van draden gemaakt is begint de spin korte draadjes te maken tussen de lange. Zo ontstaan de vierkantjes van het web. Dit zijn nog geen kleefdraden. Die komen als laatste over de stevige draden heen te liggen.
Web met ladder en picknick-kleedje
De wespspin maakt een vreemd web. Ze maakt in het midden een soort matje van heel veel spinsel maar daarbuiten gebruikt ze maar heel weinig draden. De draden van haar web staan zó ver uit elkaar dat het lijkt alsof ze liever geen vliegen vangt. Als de spin het web klaar heeft zie je haar meestal midden op het witte matje zitten, klaar om lekker te gaan eten. Eigenlijk is het dus een soort picknick-kleedje.
Vanuit het matje spint de wespspin een heel leuk muizentrappetje naar buiten, soms wel twee. Als je goed kijkt zie hoe de spin het gemaakt heeft: ze heeft een lint van heel dicht spinsel zigzag om twee lange draden gewikkeld. Als de spin ouder wordt maakt ze steeds vaker alleen zo'n trappetje en geen matje meer.
We weten nog niet goed waarom de wespspin die trappetjes maakt. Ze klimt er zelf in elk geval niet mee naar boven. Als er gevaar dreigt begint de spin hard met haar web te schudden en trilt ook het trapje snel heen en weer. Misschien is het dus bedoeld om grote dieren aan het schrikken te maken zodat ze niet per ongeluk door het web heen lopen.
Het kan ook zijn dat de witte kleur insecten aantrekt, zoals de bloemblaadjes van een plant. Sprinkhanen komen erg vaak in het dichte weefsel terecht en misschien lijkt het dus wel een mooie landingsbaan voor deze onhandige acrobaten.
Zijden jasje voor bezoekers
Een gevangen prooidier krijgt van de spin meteen in een mooi zijden jasje aan. Met een beet van haar giftanden zorgt de spin ervoor dat de prooi niet meer kan bewegen. Als de spin honger heeft spuit ze een bijtend sapje in de prooi dat hun binnenkant helemaal oplost. Even later slurpt ze het zachte binnenste als een spinnen-milkshake lekker leeg. Wanneer de spin geen honger heeft wordt de prooi als een mummie aan een draadje opgehangen voor later.

Bokshandschoenen
De mannetjes van spinnen zijn kleiner dan de vrouwtjes. Je herkent ze aan de vreemde handschoentjes die onder hun kop zitten. Dat zijn speciale stukjes gereedschap die worden gebruikt bij het vrijen. Bij elke soort zijn ze weer anders. Als je door een microscoop kijkt zie je dat er allerlei uitsteeksels en krulletjes aan zitten. Zo voelt het vrouwtje of ze het goede mannetje heeft gevonden waarmee ze mooie wespspinnen-kindjes kan maken.

Als het vrouwtje gepaard heeft met het mannetje, en ze eieren kan gaan leggen, kan het mannetje maar beter maken dat hij wegkomt. Het vrouwtje heeft veel vlees nodig om eieren te kunnen leggen en ze eet alles wat beweegt, maakt niet uit of het haar eigen mannetje is of een vlieg. Misschien zijn die handschoentjes dan tóch bokshandschoenen.
Kinderkamer
Als laatste klus voor de winter begint de vrouwtjes-wespspin aan het maken van een cocon. Ze overwintert er zelf niet in, maar haar jonkies moeten in de winter veilig zijn. Ze spint tussen lage takken of grashalmen een cocon die opgehangen wordt aan honderden fijne draadjes. In de cocon, die een beetje lijkt op een walnoot van papier, worden de eitjes gelegd.
Al in de herfst komen de jonge wespspinnetjes uit het ei, maar ze blijven in de cocon tot de winter voorbij is.

Windsurfertjes
In mei komen de jonge spinnentjes naar buiten. Het zijn nog maar kleine ukkies, maar ze weten precies wat ze willen: windsurfen! Ze spinnen een lange, lichte draad en laten die met de wind meewaaien. De wind is sterk genoeg om de spinnetjes aan de draad mee omhoog te trekken. Zo zeilen ze naar andere plekken waar ze allerlei avonturen gaan beleven.

De wetenschappelijke namen voor de echte Pietje Precies:
Spinachtigen (klasse Arachnida)
Mijten en teken (orde Acarina)
Boekenschorpoenen (orde Pseudoscorpiones)
Hooiwagens (Orde Opiliones)
Spinnen (orde Araneae)
Wielwebspinnen (familie Araneidae)
Wespspin - Archiope bruennichi (Scopoli 1772)
Kruisspin - Araneus diadematus Clerck 1758
Springspinnen (familie Salticidae)
Zebraspin - Salticus scenicus (Clerck 1758)
Wolfspinnen (familie Lycosidae)
Krabspinnen (familie Thomisidae)
Voor wie nóg meer wil weten zijn hier wat links naar andere sites:
Wespspin of Tijgerspin - Ed Nieuwenhuys
Wespspin - Alles over de Natuur
De Amerikaanse wespspin - James S. Plank
Spinnen-informatie - Henk Merts
Spinnen van Noordwest-Europa - Ed Nieuwenhuys
Spinnen - Wikipedia
Lees: Spinnen - Het Klokhuis
Spinnen als knuffeldiertjes - André en Carola Mathlener
spreekbeurt over spinnen - Resa van den Bunt
terug naar de vorige pagina
|
klik hier voor een overzicht van alle FieClopedie-onderwerpen
|
|